De eigenaar van twee Tielse cafs waar mensen die geen Nederlands spreken niet langer welkom zijn, twijfelt of hij zijn regel in stand moet houden. "We hebben hem pas laatst ingevoerd, maar vooral na vandaag krijgen we gemengde reacties."

De 40-jarige Christjan Ernste bedacht de regel samen met de mede-eigenaar van caf De Tijd en danscaf De Kikker. Eerdere incidenten tussen klanten die geen Nederlands spraken en de lokale jeugd waren de aanleiding. "Als wij vroeger hier gingen stappen en je stootte iemand aan, dan gaf je diegene gewoon een biertje, zei je sorry en was het klaar. Maar bij ons is het de laatste paar keer misgegaan", zegt hij tegen RTL Nieuws.

Daarom bedacht hij een nieuwe regel: bezoekers moeten in ieder geval 'goedenavond' kunnen zeggen. "Het is lastig brandjes blussen als je boze klanten geen Nederlands of Engels verstaan. We krijgen daar soms bij de deur al problemen mee. Sommige klanten worden soms heel boos als je ze tegenhoudt. En dan weten ze niet eens waarom je het doet omdat ze je uitleg niet snappen. Daar kan ik niet zo veel mee."

Ernste ontvangt naar eigen zeggen 'evenveel positieve als negatieve reacties' na alle aandacht van vandaag. Maar zelfs de voorstanders van de regel vragen zich af hoe hij het gaat handhaven.

"Ik begrijp dat het niet betekent dat je vloeiend Nederlands spreekt als je alleen maar goedenavond kan zeggen. Maar ja, als ik het moet testen door hele gesprekken bij de deur te houden, dan duurt dat ook zo lang."

Maar het is nooit zijn bedoeling geweest om hele bevolkingsgroepen, zoals Polen, uit zijn caf te weren, benadrukt hij. "We hebben enkele vaste klanten die Pools zijn. Die komen met z'n drien of vieren wat drinken en hebben het gezellig en zijn nooit betrokken bij opstootjes."

Sterker nog, zijn personeel heeft het ook vaak aan de stok met 'Nederlanders'. "Die worden ook net zo goed boos hoor, en dreigen ook. Maar je verstaat hun dreigementen in ieder geval, dus je weet hoe je ze aan moet pakken."

Ernste is pas een maand eigenaar van de cafs. Het is de eerste keer dat hij een caf exploiteert. "We draaien nog niet zo heel lang mee in het wereldje. We moeten nog veel leren, en het gaat niet zonder slag of stoot."

Hij wil dus best naar ieders mening luisteren. "We zijn best flexibel. Voorop staat dat iedereen welkom is. Maar we willen wel ieders veiligheid blijven garanderen, dat van personeel en onze klanten."