Natuur- en waterbergingsgebied Ootmaanlanden bij Uffelte staat sinds donderdagavond een halve meter onder water. Vanwege een storing in een stuw is water uit de Drentse Hoofdvaart per ongeluk in het natuurgebied gestroomd, en niet zonder gevolgen.
"Het is geen ramp, maar voor de natuur is het wel erg verdrietig", zegt woordvoerder Fred Prak van Natuurmonumenten, dat Ootmaanlanden in beheer heeft. Het 75 hectare grote gebied wordt sinds anderhalf jaar gebruikt als 'klimaatbuffer', een plek waar water tijdelijk kan worden opgeslagen als de Hoofdvaart dreigt te overstromen.
"Dat zijn echt extreme situaties van bijvoorbeeld 100 millimeter regen op een dag, iets dat zelden voorkomt", stelt Prak. Daarbij is de afweging gemaakt dat bij flinke neerslag beter een natuurgebied kan onderlopen, zodat inwoners in Meppel hun voeten droog houden. "Het is echt een maatschappelijke en vaak ook financiële afweging", legt hij uit.

Hoewel er de laatste dagen wel wat regen gevallen is, was dit volgens Prak zeker niet genoeg om van een noodsituatie te spreken. "Er is daar dus iets misgegaan."
Het Waterschap Drents Overijsselse Delta bevestigt dit. "Er is automatisch een klep opengegaan. Dat zou niet hebben gemoeten", vertelt woordvoerder Tom Olsman. Sinds gisterochtend laat het waterschap Ootmaanlanden leeglopen, al duurt dat naar verwachting twee tot drie dagen.

Volgens de waterschapwoordvoerder is het dan ook moeilijk om al een inschatting te maken hoe groot de schade is. "De waterberging moet eerst helemaal leeg zijn, voordat we kunnen bekijken hoe groot de schade eronder is. In principe is het gebied erop ingericht om zoveel water op te kunnen vangen, alleen zitten we nu wel in een broedseizoen."
En dat is een hard gelag voor de dieren die zich tot voor kort thuis voelden in Ootmaanlanden. "Het gebied is een broedbiotoop met volop nesten en jongen van onder meer de boompieper, roodborsttapuit en de grauwe klauwier", aldus boswachter Rudmer Veenstra. Andere vogels die zich in het gebied nestelden zijn geelgorzen, paapjes, kleine plevieren en grasmussen, zo bleek uit een inventarisatie vorige week.
Ook gevolgen voor kleiner leven
Een enkeling is de dans dan wel ontsprongen, maar vooral voor kleiner leven op de grond heeft de overstroming gevolgen. Denk daarbij aan graslandinsecten zoals de rupsen van oranjetipje, het hooibeestje en de kleine vuurvlinder, maar ook kleine dieren als de dwergmuis, hermelijn en wezel. Veenstra: "Sommige zoogdieren en insecten zijn letterlijk verdronken."
Prak vult aan: "Er zijn veel nestjes en jonge dieren. Als die onbedoeld een halve liter water over zich heen krijgen, overleven ze het vaak niet. Zeker de jonge dieren." Toch blijft hij hoopvol. "De natuur is veerkrachtig en herstelt zich wel weer, maar deze cyclus is dat voor een aantal diersoorten op deze plek niet gelukt."
Foto