Geweld onder jongeren leek lange tijd vooral een jongensprobleem, maar dat beeld klopt niet meer. Steeds meer meiden raken betrokken bij ruzies die uitlopen op vechtpartijen. Dat geweld is vaak harder en blijft langer doorsudderen dan bij jongens. "En dat zijn alleen de bekende gevallen", zegt criminoloog Shanna Mehlbaum. "Veel geweld onder meiden blijft buiten zicht."
Terwijl het geweld onder jongeren de laatste jaren in het algemeen afneemt, gaat het bij meiden juist de andere kant op. In 2024 waren 740 meisjes van 12 tot 18 jaar betrokken bij geweldsmisdrijven, tegen 640 een jaar eerder en 560 in 2020, blijkt uit cijfers van het CBS.
Volgens Mehlbaum gaat het vaak om groepsmishandelingen waarbij meisjes andere meisjes aanvallen. "Jongens kunnen ook slachtoffer zijn, maar het meeste geweld speelt zich af binnen meidengroepen." Dat geweld wordt ook vaker gefilmd en online gedeeld, waardoor ruzies langer duren en sneller erger worden. "In de video's zie je bijvoorbeeld meiden die op de grond liggen en tegen het hoofd worden geschopt, terwijl omstanders aanmoedigen en filmen", zegt Mehlbaum.
Het geweld draait volgens haar vaak om status. Door geweld te gebruiken, laten meiden zien dat er niet met hen te sollen valt. Dit gedrag kennen we volgens de criminoloog vooral van jongens, maar wordt nu ook door meiden overgenomen.
Online sudderen ruzies vaak door en eindigen uiteindelijk in vechtpartijen, legt Mehlbaum uit. "Jongens lossen conflicten soms sneller op, maar bij meiden blijft het langer doorgaan en wordt het vaak venijniger. Daardoor is het voor scholen, jongerenwerkers en politie moeilijker om in te grijpen."
De directe aanleiding voor een mishandeling is vaak klein. "Het kan gaan om een verkeerde blik, contact met een vriendje of een uitgeleend voorwerp dat niet is teruggegeven. Toch kan zoiets simpels een heftige ruzie worden."
Wat het extra moeilijk maakt, is de angst om te worden gezien als 'snitch', als een verklikker. "Slachtoffers doen zelden aangifte of stappen niet naar een volwassene uit angst om als verrader te worden gezien. Daardoor horen we er pas over als het uit de hand loopt."
In de gemeente Arnhem werken jeugdwerkers met jonge meiden om hen bewust te maken van de risico's van geweld en hoe zij kunnen voorkomen daarin betrokken te raken. Isa van Koningsveld is zo'n jongerenwerker. "Ik merk het dagelijks. Niet alleen bij daadwerkelijke geweldsincidenten, maar ook aan hoe meiden over conflicten praten. Ze zeggen al snel: dan slaan we het wel uit", vertelt ze.
Ook haar zorgen zijn groot, vooral omdat het vaak gaat om meisjes tussen de 12 en 18 jaar. "Dat is een leeftijd waarin identiteitsvorming centraal staat: wie ben ik en waar hoor ik bij? Groepsdruk is enorm. Meiden worden opgehitst door leeftijdsgenoten, door zowel jongens als meiden, om geweld te gebruiken."
Volgens Van Koningsveld zijn jongeren zich daarbij nauwelijks bewust van de gevolgen. "Niet van lichamelijk letsel, maar ook niet van het feit dat geweldsbeelden online blijven circuleren. Wat vandaag status oplevert, kan hen later blijven achtervolgen."
Jeugdwerkers houden zicht op verschillende leefgebieden van jongeren: thuis, school, straat en online. "Wij zien die onrust soms al vroeg en kunnen dan ingrijpen voordat het escaleert." Ook is een rol weggelegd voor ouders, zegt Van Koningsveld. "Blijf in gesprek, ook als het ongemakkelijk is. Creƫer een veilige sfeer waarin kinderen durven te vertellen wat ze meemaken. De balans tussen privacy en betrokkenheid is lastig, maar het gesprek vermijden helpt niet."
