Wie volgende week een militair tentenkamp tegenkomt ten noorden van Gramsbergen, moet niet gek opkijken. Dat wordt er door de Landmacht geplaatst om onderdak te bieden aan een 35-koppig onderzoeksteam van archeologen. Zij doen een week lang onderzoek naar het gebied waar bijna 800 jaar geleden de slag bij Ane plaatsvond.
Bert Finke is als projectleider namens Stichting Overstichtse Oorlogen nauw betrokken bij het onderzoek, dat plaatsvindt in het buurtschap Holthone. Hij kijkt uit naar dit bijzondere project, want er is nog maar weinig wetenschappelijk onderzoek gedaan naar Nederlandse slagvelden. "In het buitenland zijn slagvelden als Hastings en Waterloo aangemerkt als archeologisch veldslagmonument", vertelt Finke. "Maar in Nederland is dit nog niet het geval; niet eens voor veldslagen uit de Tweede Wereldoorlog of de 80-jarige oorlog."
De Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed werkt ook mee aan de opgravingen in Holthone. De dienst heeft al langer de ambitie om diepgravend onderzoek te doen naar Nederlandse veldslagen. Het veldwerk van komende week moet niet alleen nieuw licht schijnen op de Slag bij Ane, maar ook bijdragen aan methoden voor toekomstig slagveld-onderzoek in Nederland.
Ook grondeigenaar a.s.r. en Stichting Recovery on the Battlefield (ROTB) zijn betrokken bij de werkzaamheden. ROTB biedt een ondersteuningsprogramma voor veteranen die worstelen met PTSS en/of een fysieke beperking. "Zij helpen mee met metaaldetectie", vertelt Finke. "Bij een project in Waterloo hebben ze gemerkt dat samenwerken op voormalige slagvelden zorgt voor ontspanning en rust."
De Slag bij Ane was een grote veldslag die plaatsvond op 28 juli 1227, waarbij Rudolf van Coevorden met een leger van boeren de bisschop van Utrecht versloeg. De met zware harnassen en wapens uitgeruste ridders van de bisschop hadden geen rekening gehouden met de drassige ondergrond en zakten weg.
De slag was onderdeel van de Drentse oorlog: een machtsstrijd tussen de bisschop en boeren en stedelingen uit het Oversticht die meer zeggenschap wilden. Het Oversticht is de middeleeuwse benaming voor het gebied dat nu Overijssel, Drenthe en de stad Groningen beslaat.
Holthone is niet zomaar aangewezen als onderzoekslocatie. Vondsten van lokale hobby-archeologen leverden aanwijzingen op dat er waardevol materiaal te vinden is in Holthone. De bijzonderste vondst uit de omgeving werd al in 1990 gedaan, door hobbyzoeker Jurrien Toenhake.
Hij vond een bronzen bolletje met een embleem erop. Jarenlang lag het bij hem thuis te verfstoffen in een bakje van een Chinees restaurant, totdat Toenhake zijn hobby weer oppakte en erachter kwam dat het gaat om een pommelkroon; het bovenste deel van de greep van een middeleeuwse dolk. Die bleek afkomstig uit de tijd van de Slag bij Ane en was één van de aanleidingen voor verder onderzoek.
Na maanden van archief- en bureauonderzoek zijn er afgelopen week diepteboringen gedaan in Holthane. "Dat heeft ook interessante signalen opgeleverd", aldus Finke. "Dan moet je niet denken aan een paard met ridder en al, maar aan kleinere objecten van ijzer in de diepte." Met name in veenlagen kunnen spullen uit de tijd van de slag bij Ane liggen. Maar ook ondiepere vondsten, bijvoorbeeld uit de Tweede Wereldoorlog, worden komende week opgegraven en geregistreerd.
Aanstaande maandag starten de werkzaamheden en die duren tot vrijdag.
800 jaar Slag bij Ane
Het archeologisch onderzoek is de opmaat naar een bijzonder herdenkingsjaar. Op 28 juli 2027 is het namelijk precies 800 jaar geleden dat de Slag bij Ane plaatsvond. Om daarbij stil te staan, start op 25 juli van dit jaar het Herdenkingsjaar Slag bij Ane 800 jaar. Een groot aantal gemeenten uit Overijssel, Drenthe en Groningen organiseert een jaar lang activiteiten in het teken van de historische veldslag. Als kers op de taart wordt de slag in juli van 2027 nagespeeld in de buurt van het historische slagveld.
