Wonen in een elektriciteitshuisje op een afgesloten terrein in het buitengebied. Je houdt het niet voor mogelijk. Maar het is realiteit in Almelo. Aan de Sluisweg onder de rook van Aadorp heeft een 42-jarige man zich, met zijn vriendin, gevestigd in het stroomhokje. Illegaal. „Ze weten ervan, ik vind het wel best zo.”

Tegen de muur staan enkele fietsen gestald. Er hangt textiel aan een geïmproviseerde waslijn. Er staat een barbecue. Overal liggen afvalzakken. Het is een rommeltje. Het zijn aanwijzingen dat hier mensen wonen of regelmatig verblijven. Ook in de bosjes buiten het hek staat een rijwiel tegen een boom. Daarnaast ligt een enorme berg vuilnis. Het ruikt hier niet lekker.

Het clandestiene adres in de wildernis van bedrijventerrein Turfkade trekt dagelijks de aandacht van passanten, fietsers en vissers aan de oever van het Kanaal Almelo-De Haandrik. Je kunt er niet omheen. Een meter of tien achter de omheining van dit gesaneerde bedrijfsperceel, staat het transformatorhuisje. En ja, daar zijn dagelijks mensen. Af en toe is het er iets te rumoerig. En komen er meldingen van overlast binnen bij de politie.

De waarnemingen worden bevestigd door werkend personeel van omliggende bedrijven die hier dagelijks langs komen. Een trouwe wandelaar uit Aadorp vindt de situatie onwenselijk maar zegt: „Ze vallen mij niet lastig, dus ik laat hen ook met rust. Dit is de trieste realiteit, ook in Nederland.”

De vrouw heeft de bewoners wel gevraagd of het verdeelstation buiten gebruik is. Anders zou sprake zijn van een gevaarlijke situatie. Haar is verzekerd dat de kust veilig is. Een visser schudt het hoofd. Hij kent de situatie, die volgens hem al enige maanden duurt. De hengelaar kan het weten. De man gooit wel vaker een lijntje uit op deze stek aan het kanaal. „Maar ik zie die mensen bij dat hokje eigenlijk nooit.”

Wie wonen er in het elektriciteitshuisje aan de Sluisweg? En waarom? Ze zijn inderdaad niet vaak thuis. Maar in de namiddag van een zomerse septemberdag klinken er timmergeluiden in het hokje. Hier is iemand aan het werk. Tijdens een geluidspauze reageert een man op de vraag of hij even naar het hek wil komen voor een babbeltje. Dat wil hij niet. Liever geen pottenkijkers. Op een stuk in de krant zit hij al helemaal niet te wachten.

Er volgt op schreeuwafstand een gesprek met Hans (42), die in de deuropening tussen de rotzooi blijft staan. Hij woont hier met zijn vriendin: „Ze weten ervan”, zegt hij. Met ‘ze’ bedoelt hij politie, gemeente en eigenaar. En verder zegt hij: „Ik zal hier wel een keer weg moeten, maar dat hoor ik dan wel. Ik heb geen huis, kan ik niet krijgen. Ach, ik vind het eigenlijk wel best hier. Genoeg ruimte toch?”

Hans heeft humor: „Nee, het is niet gevaarlijk. De stroom is er af. Daar heb ik natuurlijk wel naar gekeken. Geen elektriciteit hier. Jammer eigenlijk. Nu moet ik me redden met kaarsjes.”

Het ‘Huisje van Hans’ ligt op een verlaten, afgesloten terrein. Er staat een hoog hek omheen. Ter hoogte van het bouwsel is een doorgang die is afgesloten met een hangslot. Het gesaneerde, afgegraven maar inmiddels door de natuur weer heroverde perceel, bood in het verleden plek aan een aardappelmeelfabriek.

Het grenst aan een verlaten complex op de hoek met de Van Maasdijkweg: het voormalige magazijn van Kees Smit Tuinmeubelen. Witzand Bouwmaterialen heeft het pand gekocht en bouwt hier een distributiecentrum. Aan de noordzijde ligt een uitloper van het oude perceel van het vroegere hoofdkantoor van Asito. Een andere buurman is het Rekos. Hier draait alles om de motorvoertuigentechniek en onderhoud van vrachtwagens.

Buurtonderzoek op dit deel van het bedrijvenpark levert ook de eigenaar van het illegaal bewoonde terrein op: Zwanenberg Food Groep, dat verderop aan de andere kant van het beekje Hollander Graven ligt. Woordvoerder Patrick de Leede van het bedrijf: „Die mensen bivakkeren daar al een tijdje. We hebben contact opgenomen met de gemeente. Er wordt gewerkt aan een oplossing. Dat moet ook. Want dit mag niet.”

De gemeente bevestigt dat: „We kennen de situatie en de mensen die er verblijven. Zij hebben waar mogelijk onze aandacht en zorg”, aldus een woordvoerster. „Het gaat om een ongewenste situatie die we zeker niet gedogen. Zowel de zwervers als de terreineigenaar hebben we hierop aangesproken. Er is nachtopvang beschikbaar. Dat is ook de plek waar mensen uit dit soort situaties terecht kunnen”.

Ook de politie is bekend met de kwestie, zegt woordvoerder Jop Heinen: We hebben ook meldingen van overlast ontvangen, waar we altijd op reageren. We denken en helpen mee met gemeente en zorgpartners om te kijken naar een passende oplossing. Die ligt niet bij optreden door de politie. Zo’n situatie vraagt om maatwerk”.