Klokgelui boven Zalk markeerde vanochtend geen kerkdienst, maar een eeuwenoude herinnering. Honderd jaar na de dijkdoorbraak bij de IJssel haalt het dorp verhalen op over de watersnoodramp het dorp blijvend tekende.
Het is 8 januari 1926, rond half negen ’s ochtends, als het misgaat. Het water in de IJssel staat extreem hoog en bij Zalk begeeft de dijk het.
"Dat was een rampzalig moment", vertelt Wim Eikelboom van Stichting Dorpsbelangen Zalk op Radio Oost. "Langs de hele IJssel was dit de enige plek waar een dijkdoorbraak plaatsvond.”
Foto
Waarschuwingssystemen zoals we die nu kennen, bestonden toen nog niet. Geen radio, geen telefoon, laat staan apps. De veldwachter nam die taak op zich. "Terwijl de kerklokken luidden fietste hij door het dorp en riep hij zo hard mogelijk: ‘Het water komt, het water komt!’", verhaalt Eikelboom. "Daardoor wisten mensen dat ze moesten vluchten.”
Het dorp stroomde die dag grotendeels onder. Het water stond bij veel inwoners tot boven de knieën. Huizen raken zwaar beschadigd en gezinnen moesten halsoverkop hun woningen verlaten. Ook het vee werd uit de stallen gehaald en ondergebracht bij boeren in Kampen en Hattem.
Hoewel er geen menselijke slachtoffers vielen, was de schade enorm. Enkele koeien overleefden de ramp niet en het dorp stond figuurlijk op z’n kop. Toch raakte de watersnood in de loop der jaren op de achtergrond als een 'vergeten rampje'. "En juist dat maakt het belangrijk om extra aandacht aan de ramp en het dorp te schenken."
Dat gebeurt vandaag en de komende dagen onder meer met een herdenkingswandeling door het dorp. Op tien plekken wordt stilgestaan bij de gebeurtenissen van die dag. De belangstelling is groot: 250 mensen hebben zich aangemeld, daarmee zijn alle plekken vergeven.
"Misschien komt er nog een herhaling als de animo heel groot is. Zaterdag in elk geval niet. Dan is het vooral aan de inwoners van Zalk en een enkeling daarbuiten om het verhaal te vertellen."


