Twee musea in de Schotse stad Glasgow tonen hun mummies niet langer aan het publiek. Het Kelvingrove Museum heeft de menselijke resten volledig uit de tentoonstelling verwijderd. Het Hunterian Museum heeft zijn mummie afgedekt met een doek. Beide instellingen zeggen dat ze hiermee meer respect willen tonen voor de overledenen. Ook een derde museum in de stad overweegt maatregelen.

De veranderingen werden duidelijk toen een bezoeker zijn dochter de mummie van de priester Nekht wilde laten zien in het Kelvingrove Museum. In plaats daarvan troffen ze een kaartje aan met de tekst dat de menselijke resten uit respect waren verwijderd. Ook een gemummificeerd hoofd, een voet en een hand zijn niet langer te zien. De mummie van Nekht is ongeveer 4000 jaar oud en werd aan het begin van de vorige eeuw opgegraven.

„Wij vinden dat we meer respect tonen voor de overleden personen door de menselijke resten uit het oude Egypte niet langer tentoon te stellen”, verklaart het museum tegenover de Britse pers. Een uitzondering is mogelijk wanneer de overledene zelf of diens nabestaanden toestemming hebben gegeven. Bij de betreffende resten is dat niet het geval.

Het Hunterian Museum besloot in augustus vorig jaar eveneens tot aanpassingen. De mummie van Sjep-En-Hor was sinds 1820 te zien in haar rijk versierde sarcofaag. Inmiddels is de mummie met een doek afgedekt. De grafkist blijft wel onderdeel van de tentoonstelling.

Volgens het museum verdient de vrouw, die ongeveer 2600 jaar geleden overleed, „privacy na haar dood”. Het Hunterian zegt bovendien te willen uitgroeien tot „een meer ethische instelling”.

Ook Glasgow Life, de organisatie die verschillende musea in de stad beheert, wil veranderingen doorvoeren. Bij het religiemuseum St. Mungo zouden onder meer een lijkkist en enkele gemummificeerde menselijke resten uit de tentoonstelling verdwijnen.

De aanpassingen zijn het gevolg van aangescherpte richtlijnen van de internationale museumorganisatie ICOM. Daarin staat dat musea uit respect voor de menselijke waardigheid zorgvuldig moeten omgaan met het tentoonstellen van menselijke resten. Besluiten hierover moeten volgens de richtlijnen worden genomen in overleg met afstammelingen of de gemeenschappen waaruit de resten afkomstig zijn.

De maatregelen leiden tot kritiek. Tegenstanders vinden dat de musea te ver gaan in hun poging om rekening te houden met hedendaagse opvattingen.

De Conservatieve politicus Murdo Fraser vreest dat de geschiedenis hierdoor wordt verborgen. Volgens hem zouden de musea in Glasgow juist trots moeten zijn op hun historische collecties, in plaats van stukken stilletjes weg te halen vanwege wat hij omschrijft als een nieuwe trend in politieke correctheid.

Ook Chris McGovern, die tijdens de regering van oud-premier Margaret Thatcher als geschiedenisadviseur werkte, uit kritiek in de Daily Mail. Volgens hem zijn Britse musea te veel bezig met het censureren en selecteren van historische informatie om tegemoet te komen aan de wensen van wat hij „woke fanatiekelingen” noemt.

McGovern waarschuwt dat deze redenering uiteindelijk ook gevolgen kan hebben voor andere historische objecten. Zo vraagt hij zich af of straks ook het Tapijt van Bayeux niet meer getoond zou mogen worden vanwege de vele afbeeldingen van geweld, doden en lichamen.

Niet alle musea volgen het voorbeeld

Andere Britse musea zijn niet van plan de tentoonstellingen aan te passen. National Museums Scotland, waaronder verschillende populaire musea in Edinburgh vallen, heeft laten weten geen plannen in die richting te hebben. Ook het British Museum in Londen blijft zijn mummies tonen.

Volgens een woordvoerder van het Londense museum kunnen menselijke resten op een respectvolle, zorgvuldige en waardige manier worden tentoongesteld, mits bezoekers voldoende context krijgen. Het museum benadrukt daarbij de educatieve, historische en wetenschappelijke waarde van de collectie.

De musea in Glasgow hebben nog niet bekendgemaakt wat er uiteindelijk met de verwijderde mummies gebeurt. Een woordvoerder heeft wel aangegeven dat de instellingen openstaan voor teruggave aan Egypte.

Ook in Nederland speelt de discussie

Ook Nederlandse musea staan stil bij de vraag hoe zij menselijke resten moeten presenteren. Het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden zegt daarbij altijd zorgvuldig te handelen en de menselijke waardigheid te respecteren.

Tegelijkertijd vindt het museum het belangrijk om historische verhalen te blijven vertellen. Die gaan volgens de instelling niet alleen over het leven, maar ook over de dood en de manier waarop mensen met overleden lichamen omgaan.

Het Allard Pierson in Amsterdam heeft ervoor gekozen de mummies zo te presenteren dat bezoekers zelf kunnen beslissen of ze ernaar willen kijken. Het museum erkent bovendien dat de keuzes die musea vandaag of in het verleden maken, niet noodzakelijk dezelfde zijn als de keuzes die zij in de toekomst zullen maken.