Dierenambulance 5 | |
| 13-12-25 12:28:46 - Quote! - @Emmo | Emmo Stamgast WMRindex: 71.336 OTindex: 28.817 |
26: Dode aangetroffen op begraafplaats Schoolvoorbeeld van correct maar eigenaardig aandoend nieuws 26.1: Kat van de buren Tijdens de overdracht, we zijn onderweg naar de domicilie van de collega, gaat de telefoon. Er is in het stadje aan mijn kant van de rivier een kat gevonden. Op de oprit, liggend in een plas water. Het heeft net geregend. Dat is wel heel vreemd voor een kat. Die gaat alleen maar in een plas water liggen als ‘ie écht niet voort kan. Het is nagenoeg op de route dus één van de beide collega’s, we zitten dit keer met z’n drieën in de bus, chauffeur, z’n vriendin die ook chauffeur is maar nu als bijrijder functioneert, en ik zei de gek, toetst het adres is. Een oude uitvalsweg van het stadje naar de polder toe. Als we aankomen is het inmiddels donker en het is even zoeken naar het juiste huisnummer. Er blijken meerdere nummers aan één oprit te zijn en natuurlijk moeten we de achterste hebben. Maar als we gedrieën de oprit oplopen komen de mensen al naar buiten. Het gezin bestaat uit man en vrouw met een stuk of wat halfvolwassen kinderen. Mijnheer had de kat gevonden. Een reus van een kat met zwaar overgewicht. Lief beest, ondanks zijn klaarblijkelijke toestand blijft ‘ie rustig liggen ook al wordt ‘ie gemanipuleerd. Volgens mijnheer toont ‘ie ongemak bij de achterpoten, maar wat het is kunnen we niet beoordelen. Meest ernstig zou een bekkenbreuk zijn, maar dan zou zo’n dier meer aangeven. Maar meest waarschijnlijk heeft ‘ie een tik gehad van dees of gene en toen met z’n kapotte lijf toch nog de oprit opgekropen. We overleggen met de familie. Mijnheer komt op het idee een buurvrouw te bellen. Die kent alles en iedereen in de buurt. En inderdaad, buurvrouw weet aan de hand van de beschrijving, kleur, formaat etc. te vertellen dat het de kat is van buren een paar huizen verderop. Eigenaar gebeld, die zit op anderhalf uur rijden verder. Maar ook hij herkent aan de hand van de beschrijving zijn kat. Kan niet missen. Ik adviseer de eigenaar om hoe dan ook een dierenarts in te schakelen, maar vermeld wel dat het zo op zaterdagavond wel eens prijzig kan gaan worden. Eigenaar is eerst in dubio maar beslist dan. Hij komt naar huis. Als de kat bij de melder kan blijven dan haalt ‘ie de kat op en beslist dan wat of er met het dier moet gebeuren. Onderdeel van de overweging is dat de kat al vijftien jaar oud is. Ik vermoed dat het een vorm van euthanasie gaat worden. Of dat door een dierenarts zal gebeuren of op een andere manier, daarover weiger ik voor mezelf een oordeel aan te matigen. Dat is aan de eigenaar. De kat blijft bij de melder op de stoel met een handdoek erover. Wij gaan terug naar de bus en vervolgen onze aflossing. | |
| 14-12-25 09:55:21 - Quote! - @Emmo | Emmo Stamgast WMRindex: 71.336 OTindex: 28.817 |
26.2: Aangevallen egel Het is weer wintertijd. Beetje vroeger licht in de ochtend, voor zo lang als het duurt. Even voor de koffie komt er een melding door over een egel die aangevallen zou zijn door een hond. Vaak is de hond dan een ernstiger slachtoffer dan de egel maar in dit geval schijnt het toch andersom te zijn. De originele melding dateert van gisteravond. De melder kreeg het advies om de egel in een doos te doen met wat water en kattenvoer en de boel even aan te kijken. De volgende ochtend mocht ik gaan kijken of de egel inderdaad beschadigd was. Het adres is in een nieuwe wijk in de stad met behoorlijke parkeergelegenheid. Ik kan de bus nagenoeg voor de deur neerzetten. Als ik aanbel doet vrijwel onmiddellijk een jongetje van een jaar of acht de deur van de garage open. Aanwezig zijn papa, twee spruiten en de egel. Ik vraag eerst naar de hond. Daar gaat het goed mee, hij heeft de snuit niet vol met stekels. Waarschijnlijk was mijnheer er op tijd bij. De hond is een Jack Russel en die zijn nogal eens overmatig enthousiast. Betekent dat de egel waarschijnlijk ook niets heeft opgelopen. Ik praat even met de aanwezigen, ook de kinderen willen hun duit in het zakje doen, en besluit dan om het maar eens te proberen. Met toestemming van de melder zet ik de egel, opgerold en wel, bij de heg. Beest beweegt wat maar heeft geen zin om te ontrollen. Dan maar wat zwaardere maatregelen. Ik pak het diertje weer op en zet het middel op de tegels. Minder comfortabel voor het dier maar dan krijgt ‘ie misschien wél zin om beschutting op te zoeken. En, ja hoor, beestje ontrolt, komt in de benen en schuifelt in de richting van de heg. Niets te bespeuren van enig mankement. Die is waarschijnlijk alleen maar geschrokken maar heeft er verder niets aan overgehouden. Ik neem afscheid van de familie, ga terug naar de bus en naar huis. | |
| 15-12-25 22:56:18 - Quote! - @Emmo | Emmo Stamgast WMRindex: 71.336 OTindex: 28.817 |
26.3: Dode kat op begraafplaats Dezelfde dag, maar dan na de koffie, komt de volgende melding binnen. Een vrouw heeft een dode kat gevonden op de plaatselijke begraafplaats, het dier in een kratje gedaan en mee naar huis genomen. Ze moest nog naar haar werk, daarom zou ze het dier in de krat op de oprit leggen met een handdoekje er overheen. Ik bel mijn bijrijder, die ik de vorige rit glad vergeten was, en haal haar op. Bijrijder belt de melder en die zegt op basis van onze ETA dat ze nog even blijft wachten. Het is in een groot dorp in de andere regio, ongeveer 40 minuten rijden. Als we aankomen en de bus op de oprit zetten komt mevrouw al naar buiten. Zoals gezegd lag de kat netjes in een kratje onder een handdoek op de oprit. Chip uitlezen, geen chip. Dat is makkelijk. Fotootje maken, het dier was niet erg beschadigd, formuliertje schrijven en naar de vriezer op het asiel. Standaard werk. We praten nog even met mevrouw, die het dringende verzoek heeft om de begraafplaats als vindplaats te vermelden en niet haar huisadres. Natuurlijk. Dat doen we. Dan nemen we afscheid en vertrekken naar het asiel. Kat met formulier in de vriezer, die al weer redelijk vol begint te raken en we kunnen weer op huis aan. | |
| 16-12-25 09:05:37 - Quote! - @Emmo | Emmo Stamgast WMRindex: 71.336 OTindex: 28.817 |
26.4: Snavelbreuk Ik ben net goed en wel thuis als de telefoon weer gaat. Volgende melding. Dit keer een gans die uit de lucht was komen vallen. Ook was er bloed aan de snavel te zien. Ganzen die uit de lucht vallen? Ik heb dat één keer eerder meegemaakt (1e boek “Zwanenzang”, hoofdstuk 1.2: gevallen gans) en toen was het een gevalletje vogelgriep. Maar bloed aan de snavel? Dat klopt niet met vogelgriep. Maar we zullen het wel zien als we er zijn. Ik haal weer de bijrijder op en samen rijden we richting stad. Daar is het adres van de gans, aan de stadsgracht in één van de oudere grachtenpanden. We zetten de bus neer op een vrij plekje aan de gracht, lopen naar het adres en bellen aan. Mevrouw doet open. “Ah, daar bent u, de gans zit achter”. We lopen via het gangetje en de keuken naar het plaatsje achter. Daar heeft mevrouw het dier onder een wasrek geparkeerd. Wasrek aan de kant en we bekijken het dier. Eerst voorzichtig in verband met een eventuele vogelgriep. Maar de klassieke symptomen zoals ik die ken zijn er niet. Beest ligt op de tegels, kan amper op de poten staan en heeft inderdaad bloed aan de snavel. Het lijkt erop of de snavel een tik gehad heeft waardoor de tip naar binnen gebogen is. Twee breuken zijn daar te zien. Bijrijder probeert voorzichtig de snavel te openen maar dat lukt niet. Bovenkant is schijnbaar te ver naar binnen gebogen waardoor de onderkant niet open kan. Conclusie: die is ergens tegenaan geblunderd en heeft daardoor z’n snavel ingedeukt. Pak van m’n hart, geen vogelgriep. Maar het beest moet wel geholpen worden. De vraag is, of dat door de reguliere opvang kan gebeuren of dat er een dierenarts naar moet kijken. Met die vraag in het achterhoofd nemen we afscheid van mevrouw en gaan terug naar de bus. Daar bellen we de opvang. Geen gehoor. Ondertussen rijden we al die kant op. Sturen een appje. Als we op de opvang zijn nog geen antwoord. We bellen opnieuw. Nog steeds geen antwoord. Dan bellen we centrale. Wat is wijsheid? We kunnen het dier natuurlijk in één van de kooien achterlaten, dat doen we wel vaker, maar in dit geval lijkt ons dat geen valabele oplossing. Centrale geeft aan de opvang in de grote stad te contacteren. Eerst vragen of ze het dier kunnen hebben gaat dat niet dan toch maar een dierenarts. We bellen de opvang in de grote stad. Die weet het eigenlijk ook niet, zo door de telefoon, maar we mogen hem toch brengen, dan zullen ze er naar kijken. Daarmee gaan we onderweg naar de grote stad. Daar aangekomen bellen we aan. Zo op zondag is het rustig. We zeggen dat we een gans komen brengen. “Zet maar in de witte schuur”. De witte schuur is het quarantainehok. We geven aan dat er beter direct iemand naar komt kijken. “Oké”. Wij gaan met de gans naar de witte schuur. Even later komt er iemand aan. Die bekijkt het dier en met wat gewriemel krijgt zij de snavel toch open. Misschien waren wij te voorzichtig. Het dier krijgt een hok, een duif moet daarvoor wijken, en een bakje met water. “Morgen, als de baas weer terug is, kijken we wel verder”. Daar moeten we het mee doen. We gaan terug naar de bus, maken de bak schoon en gaan terug naar huis. | |
| 18-12-25 18:43:12 - Quote! - @Emmo | Emmo Stamgast WMRindex: 71.336 OTindex: 28.817 |
27: Van de meeuwen naar de kat Spreekwoord: Van het kastje naar de muur 27.1: Aangereden De eerste melding van de dag. Een kat die was aangereden in een dorp in de andere regio. Ik heb vandaag weer twee te doen, er is nog steeds een schrikwekkend gebrek aan chauffeurs en bijrijders waardoor er de facto maar één bus kan rijden van de twee die we hebben. Dus doen we het min of meer om en om. De melding is al van gisteravond, maar omdat het dier dood is, is er geen spoed meer bij. Centrale heeft daarom besloten dat het wel kon lijden tot de volgende dag. Ik heb vandaag weer een bijrijder. Die bel ik op of ze zin heeft in een dooie kat. Dat heeft ze. Ik haal de bijrijder op van haar huisadres en gezamenlijk rijden we richting kat. Bijrijder belt naar de melder dat we er aan zitten te komen. Eigenlijk is dat niet nodig, de kat is neergelegd in een rode schoenendoos op de oprit. Die kunnen we zo meepakken. Maar het is wel een goed idee om een melder te laten weten dat er actie wordt ondernomen. Melder geeft aan dat het adres niet haar huisadres is en vraagt of ze langs moet komen. Bijrijder riposteert dat dit niet nodig is. Het adres is een gewoon woonhuis. Als we de bus tegenover het adres neerzetten komt de bewoner al naar buiten. Die vertelt hoe het zit. Kat was aangereden op een kruising. Melder heeft het dier opgeraapt en naar de dichtstbijzijnde woning gebracht. De bewoner heeft het dier daarop in een schoenendoos gelegd en melder heeft haar melding gedaan. Tevens heeft een familielid die bij een dierenarts werkt een chiplezer opgehaald en het dier gecontroleerd. Wel een chip maar niet geregistreerd. Pech voor de eigenaar, die kan nu niet ingelicht worden. We doen het dier in een bakje en nemen de schoenendoos mee. Die zit onder het bloed en is niet meer bruikbaar. Op het asiel is er wel een afvalbak waar we die doos kwijt kunnen. Zo rijden we naar het asiel. Situatie afgewerkt zoals gebruikelijk. De lege schoenendoos gaat platgemaakt in de oudpapiercontainer die al klaar staat om geleegd te worden en vervolgens breng ik de bijrijder naar huis. Net als we daar aangeland zijn gaat de telefoon. | |
| 19-12-25 12:05:48 - Quote! - @Emmo | Emmo Stamgast WMRindex: 71.336 OTindex: 28.817 |
27.2: Belaagde kraai Net als we na de vorige melding bij het huis van de bijrijder zijn aangeland komt er een nieuwe melding door. Een kraai zou door meeuwen zijn aangevallen, daarbij gewond zijn geraakt en vervolgens belaagd zijn door een kat. Dat vond de melder, een van onze nieuwe collega’s, zielig voor de kraai. Melder heeft hem toen met wat moeite weten te vangen en in een kooi gezet. Het adres is in de stad in een arbeiderswijk. Nauwe straatjes die niet zijn ontworpen voor geparkeerde auto’s. Zestig jaar geleden hadden arbeiders nog geen auto’s. Ik ben druk aan de klets met de bijrijder en rijd het adres vierkant voorbij. Ik merk het op hetzelfde moment. Twintig meter verderop is een parkeerplaatsje waar vaak wel ruimte is. Daar zet ik de bus neer. We stappen uit en pakken een bakje voor de kraai. Ondertussen is melder zijn huis al uitgekomen en staat te zwaaien “hier moet je wezen”. Hij had ons met een noodvaart voorbij zien scheuren en dacht: “Waar gaan die idioten nu naar toe”? Bijrijder maakt kennis. Ik kende de melder al. Ik heb hem vorige week al een keer afgelost (melding 26.1: Kat van de buren). Hij gaat ons voor via een steegje achterom. “Let niet op de rommel”. In de keuken staat een transportkooi met daarin de kraai. Ik haal het dier er uit. Melder: “Pas op, hij is flink levendig, dat ‘ie niet ontsnapt”. Inderdaad weet het beest zich flink te weren. Toch is ‘ie duidelijk niet gezond. Wat, daar heb ik, noch de bijrijder, een idee van. Maar een gezonde kraai is niet maar zo te pakken te krijgen, het is duidelijk dat ‘ie wel wat onder de leden heeft. Daarmee zet ik de kraai in onze eigen transportkooi en nemen afscheid van de melder. Terug in de bus belt bijrijder met de opvang en vertelt het verhaal. “Kom maar door”, zegt die, “ik ben aan de opvang, dan kan ik er gelijk naar kijken”. Op de opvang bekijkt de beheerder de vogel. “Die zit onder de veerluis”. Veerluis of veermijt is een soort mijt die leeft van de keratine in de veren van een vogel. Het is volgens internet goed te behandelen met diverse middelen. Kraai wordt in een hok gezet: “Daar gaan we zo direct wat aan doen”. | |
| 21-12-25 15:12:01 - Quote! - @Emmo | Emmo Stamgast WMRindex: 71.336 OTindex: 28.817 |
27.3: Zieke gans Dan komt er alweer een melding door. In de stad in het park is een gans gevonden die verschijnselen van vogelgriep vertoont. Mogelijk dezelfde gans was al eerder gemeld maar die vluchtte voor de melder uit het water in. En een zwemmende gans krijgen wij niet te pakken. Dat hebben we al vaak genoeg geprobeerd. De plaatselijke vogelgroep zou het in de gaten houden en denkelijk hebben ze het beest nu op de wal klem weten te zetten. Één van de collega’s is ook aanwezig. Dat is een voordeel want dat maakt de kans kleiner dat we voor nop rijden. Het is bij het brugje bij de kinderboerderij waar ik al eens een officiële waarschuwing gehad heb vanwege op het fietspad rijden (11.4: Gänsespiel). Nu maar via de andere route. Als we komen aanrijden staat er een clubje rond de aangegeven positie. Ik zet de bus in de berm, flitsertjes aan. Collega komt al op ons toe. Voor de bijrijder is dit de eerste keer dat ze een geval van vogelgriep onder handen krijgt. Onderweg had ik met haar de procedure doorgesproken. Dus bij aankomst praten we even met collega en ik vlieg terug naar de bus om de vogelgriepsetjes te halen. Overal, muts, overschoenen, handschoenen en mondkapje. “Ho even”, zegt de collega, “Dat heb je allemaal niet nodig, hij zit al in een doos”. Ik stop de materialen weer terug en ga kijken. Inderdaad zit het beest in een stevige kartonnen doos. Doos open, toch even kijken, en ja, daar zit een gans. Een Canadees dit keer. Nek verdraaid, wat bij de symptomen hoort. Verhaal van de collega sluit daar bij aan. Onregelmatige, ongecoördineerde loop. Ook dat hoort er bij. Vogelgriep is bij vogels een neurologische aandoening die dat soort dingen veroorzaakt. Ik overleg met collega. Hij doet momenteel dienst als coördinator dus hij mag regelen naar welke dierenarts we gaan voor de euthanasie. Het is zondagmiddag laat en daarom moeten we eerst weten welke dierenarts dienst heeft. De dierenarts van dienst zit een stuk verderop, maar dat is niet zo’n bezwaar. De arts moet in dit geval van huis komen en zal ongeveer terzelfder tijd aankomen. We zetten de doos met de gans in de bus en vertrekken. Bij de dierenarts had de arts het van ons afgewonnen. Die was er al en zat driftig te tikken achter een computer. Volgens afspraak zou de procedure in de bus plaats vinden, dit in verband met een eventuele besmetting van de praktijkruimte. Ik sleur dan ook de dierenarts vanachter haar computer weg. Arts schiet er weer van tussen “Even de spullen pakken”. Dan komt ze naar de bus. Ik til met wegwerphandschoenen aan de gans uit de doos zodat de arts er bij kan. De gans krijgt het verlossende spuitje. Protesteert amper zo ver was die al heen. Even wachten, luisteren naar het hart, en als het getik over is, is de procedure gedaan. We nemen afscheid van de arts en vertrekken naar het asiel. Normaal gaat een geëuthanaseerd dier linea recta naar de kadaverbak, maar die is vandaag, zondag, gesloten. Daarom gaan we naar de vriezer waar de gans tussen de dode katten komt te liggen. Bij de eerstvolgende gelegenheid gaat ‘ie alsnog naar de kadaverbak. | |
| 24-12-25 00:52:04 - Quote! - @Emmo | Emmo Stamgast WMRindex: 71.336 OTindex: 28.817 |
27.4: Stevige kitten De volgende rit laat niet lang op zich wachten. In de andere regio moeten we een kitten ophalen. Die was komen aanlopen en kon niet bij de melders blijven. Bus in de rondte geslingerd, we waren vanaf het asiel al weer onderweg naar huis, en op naar het kitten. Zoals gebruikelijk belt de bijrijder naar de melders. Die zijn thuis, we kunnen langskomen. Het adres is in een nieuwe wijk in een niet al te groot dorp. Parkeer is niet overdadig, maar op de oprit is ruimte. Daar zetten we de bus neer. Als we uitstappen komen de melders, man en vrouw, al naar buiten. In verband met het eigen gedierte is de kitten opgesloten in de garage. Het beest zit in een transportkooi. Bijrijder haalt het dier er uit. Voor een kitten is het een forse, zwart van kleur. Zoals vrijwel steeds is bijrijder op slag verliefd. We hadden de chiplezer in de bus laten liggen. Dus nemen we het dier mee naar de bus in onze eigen transportkooi. Melders willen dat ook wel eens zien en lopen mee. Geen chip te bekennen, het dier kan naar het asiel. Het kitten is groot genoeg voor de nachtopvang. Daar zetten we het beest in. Formuliertje er bij en klaar. Ik breng bijrijder naar huis en ga zelf ook eens kijken hoe mijn logee er bij ligt. Sinds enige tijd heb ik als gastgezin een katertje te logeren. | |
| 24-12-25 13:11:37 - Quote! - @Emmo | Emmo Stamgast WMRindex: 71.336 OTindex: 28.817 |
27.5: Ongeknapte uil Weer een nieuwe dag en nieuwe kansen. Op een wat minder schappelijk tijdstip voor een pensionado, half acht in de ochtend, gaat de telefoon. In een kantoorgebouw in aanbouw is een uiltje komen binnenvliegen. Voor mij in de andere regio, ongeveer veertig minuten rijden. Het dier zit er al een tijdje en melder vindt dat het beest nu maar eens vort moet. Hij stelt het wat diervriendelijker maar daar komt het op neer. Ik krijg een hele schuif aan instructies mee. Melder kan zelf niet aanwezig zijn, maar heeft bij de ingang waar ik wezen moet twee pylonen neergezet. Ik moet dan een dek omhoog waarvoor melder een ladder heeft geplaatst. Verder heeft hij twee ramen opengezet. Het zou dan ook maar zo kunnen dat het beest al vertrokken is. Als ik aan kom tuffen (ik heb dit keer geen bijrijder) is het even zoeken naar de juiste ingang. Omdat alles nog in aanbouw is kloppen de adressen niet volledig, maar met een beetje zoeken zie ik beide pylonen. Gevonden. Ik stap uit, net en transportbox mee, en wurm me door het bouwhek. Ik stap naar binnen en zie onmiddellijk de ladder. Klopt allemaal als een bus. Met al m’n pruttel de ladder op en arriveer op het eerste dek. Een grote lege ruimte met zwarte stalen dekbalken. Ideaal om voor een uiltje om op te zitten. Ik loop alle balken na maar zie niets. Door het contrast van de zeer lichte muren en de zwarte balken is het moeilijk te zien. Lamp van het mobieltje aangestoken en weer eens kijken. Nog niets. Dan geef ik het op. Ik bel naar de melder en zeg dat de uil foetsie is. Dan doe ik de ramen dicht en rol het spanbandje op waarmee de ramen gesjord waren. In één van de raamopeningen liggen twee plakjes worst, onaangeroerd. Melder had had gedacht dat als de uil op de worst aan komt dan ziet ‘ie vanzelf waar de opening naar buiten is. Helaas moeten uilen het van een levende prooi hebben. Aas eten ze niet. Het was dus overbodig maar goed bedoeld. Ik ga de ladder af en loop naar buiten. De worst gooi ik in de struiken. Die vindt z’n weg wel. Dan stap ik in, meld centrale dat het niets geworden is en rijd naar het asiel. Als het goed is ligt daar een hond op me te wachten. | |
| 27-12-25 16:49:55 - Quote! - @Emmo | Emmo Stamgast WMRindex: 71.336 OTindex: 28.817 |
27.6: Ingeslapen hond Dat blijkt niet zo. Het geval is wat minder prettig. De hond is ernstig, ongeneeslijk, ziek en moet ingeslapen worden. De procedure is nog niet gedaan, ik ben drie kwartier te vroeg. Dat is geen probleem, er staat een prima koffiezetapparaat in de kantine. Het is rond koffietijd en ik heb samen met de vrijwilligers van het asiel, het overgrote deel van degenen die op het asiel werken zijn vrijwilligers, een heel gesprek over van alles en nog wat. Na de koffiepauze vertrekken de vrijwilligers en ik ga op zoek naar de hond. Bij de praktijkruimte van de dierenarts krijg ik te horen dat er vertraging is opgelopen met de behandeling van de katten en dat het met de hond nog een half uurtje zal duren. Ik ga weer terug naar de kantine. Zo’n twintig minuten later komt de dierverzorger die als assistente van de dierenarts dienstdoet me ophalen. De hond is ingeslapen, ik kan hem wegbrengen. Beneden bij de praktijkruimte neem ik het dier in ontvangst. De dierverzorger loopt met de hond in een deken mee naar de bus. Daar legt zij hem neer. Ik haal nog de gans van melding “27.3: Zieke gans” uit de vriezer. Die kan gelijk mee. Dan naar de kadaverbak van de milieustraat. Het is niet druk en ik kan gelijk doorrijden. Beide dieren “plof” in de bak en dat is dat. De deken van de hond, daar is niets mee gebeurt, die gaat in de bak voor de vuile was in de bus. De plastic zak waar de gans in zat gaat in de kliko van de milieustraat. Dat zit er weer op. Ik ga op huis aan. | |
| 28-12-25 22:45:47 - Quote! - @Emmo | Emmo Stamgast WMRindex: 71.336 OTindex: 28.817 |
27.7: Te klein voor de winter Ik zit net thuis achter een bak soep als de volgende melding weer binnenkomt. Ik slobber de bak soep naar binnen, ren naar de bus en ga onderweg. Het adres is naast de kerk in een dorp niet al te ver van mijn woonplaats maar wel in de andere regio. Het gaat om een egeltje die door de melder bij de kerk is aangetroffen en waarvan de melder zich afvroeg of het beestje de winter wel zou overleven. Aangekomen zet ik de bus op het parkeerterrein bij de kerk en loop naar het bewuste woonhuis. Mevrouw doet open. Het diertje zit in een doos naast de voordeur. Niet binnen in verband met de overenthousiaste hond. Ik haal het diertje uit de doos en bekijk het. Inderdaad een behoorlijk ondermaats exemplaar. Mevrouw had niets teveel gezegd. Zelfs ik met mijn ondeskundologische ogen kon dat wel zien. Ik praat even met mevrouw, die de dominee van de naastgelegen kerk blijkt te zijn. Ik vraag of het dier volgend voorjaar hier weer uitgezet kan worden. Dat is in orde. Ze laat me haar tuin zien. Compleet verwilderd, maar dat hoort zo. Goed voor de beestjes. Een gezonde egel kan daar prima z’n weg wel vinden. Dan neem ik afscheid en vertrek naar de egel-opvang van de regio. Ik probeer op te bellen maar er wordt niet opgenomen. Dan maar zo. Als ik aankom op de opvang is er niemand aanwezig. Dat kan natuurlijk. Als ik naar de receptie wil lopen om te kijken of er daar iemand wakker is kom ik een man tegen. Die was met een grasmaaier op het terrein bezig geweest. De beheerder van de opvang is niet aanwezig, vertelt hij, maar ik kan het diertje in één van de kooien voor de noodopvang plaatsen. Ook mijnheer is van mening dat het diertje het niet over de winter zou halen. Te klein en te mager. Daarmee zit mijn taak erop. Ik klem het bijbehorende formulier aan de kooi. Dan gaat de telefoon. Volgende rit. | |
| 30-12-25 08:28:50 - Quote! - @Emmo | Emmo Stamgast WMRindex: 71.336 OTindex: 28.817 |
27.8: Bloedzuigers in de snavel Die volgende rit begint met het verzoek van centrale om een hond op te halen bij een dierenarts in de grote stad en naar het asiel te brengen. Ik heb voor die rit 45 minuten. Rijtijd is goed twintig. Dat is makkelijk te doen. Tijdens de rit gaat de telefoon. Weer wat. In de polder ten noorden van de grote stad is een gans aangetroffen met bloed uit z’n snavel. Ik zit ten zuiden. Met zo’n melding ben je gauw drie kwartier bezig. Dan ben ik te laat voor de hond. Ik overleg al rijdende met de centrale. De hondenrit had ik doorgekregen van de coördinator. Die moet dan ook ingelicht worden. Zo gezegd zo gedaan. Ik verander de bestemming in die van de gans. Daar aangekomen blijkt het een soortement boerderij vlak naast het dorp met dezelfde naam als de polder. Ik zet de bus neer op de oprit en terwijl ik dat doe komt mevrouw al met de gans in een doos naar buiten. Ik praat even met mevrouw. Die blijkt al één en ander gedaan te hebben met als gevolg dat de gans twee bloedzuigers uitspuugde. Vandaar dat bloed, want nu in de doos is er niets van te zien. Maar je weet maar nooit wat voor schade die bloedzuigers aangericht hebben dus een ritje opvang lijkt me gerechtvaardigd. Terug in de bus bel ik de opvang. Die heeft een probleem. In de grote, naburige, polder is vogelgriep geconstateerd. Er is nog geen ophokplicht voor ons gebied verordonneerd, maar opvang neemt het zekere voor het onzekere en gaat alvast de vogels naar binnen brengen. Extra vogels opnemen is daardoor niet gewenst. We praten even en de conclusie is dat ik de gans maar het best een stuk verderop kan uitzetten. Waarschijnlijk waren die bloedzuigers het enige bezwaar en daar komt met een beetje goede wil zonder moeite weer bovenop. Zo gezegd zo gedaan. Ik zet een paar honderd meter verder de bus weer aan de kant en schop de gans de bus uit. Even kijken of ik ook vreemd gedrag kan zien, maar behalve een gerechtvaardigde verontwaardiging die ganzen wel vaker ten toon spreiden valt mij niets op. Op naar de dierenarts om de hond op te halen. Zie eerste paragraaf van dit hoofdstuk. Daar tref ik mijn collega met de andere bus. Omdat ik niet wist of ik op tijd voor die hond zou zijn is de coördinator in de bocht gesprongen en heeft stante pede de andere bus gecharterd. De chauffeur had eigenlijk een vrije dag maar die moest nu maar inspringen. Collega had de hond al ingeladen en wachtte alleen nog op het papierwerk. Ik kon verder op huis aan. Verder die dag geen meldingen meer gehad. | |